foto Erik Akkermans

Regelmatig zullen wij op deze plek mensen aan het woord laten die op de een of andere manier betrokken zijn bij de activiteiten van het SFPK. De eerste aan wie we dit woord geven is Erik Akkermans, voorzitter van de Federatie Cultuur en voorzitter van de Stuurgroep Sectorplan Cultuur.

Vernieuwend of vertrouwd?

Geen andere sector dan die van de cultuur is vermoedelijk zo doordrongen van begrippen als ‘beweging’, ‘vernieuwing’, ‘ontwikkeling’ of ‘innovatie’. Zowel naar inhoud als naar vorm behoort elke volgende schepping verrassend en vernieuwend te zijn.  Het nieuwste boek, het nieuwste toneelstuk, de nieuwste film moeten iets toevoegen aan alles wat we al lazen of zagen. En zelfs als in de muziek de oude Beethoven weerklinkt, willen we hem graag ‘afgestoft’, in een ‘frisse, eigentijdse versie’ beluisteren.

Het is me in de cultuursector vaak opgevallen hoe groot het contrast kan zijn tussen enerzijds het vanzelfsprekende concept van ‘vernieuwing’ van inhoud en vorm en anderzijds het grote gebrek aan beweging als het om zakelijke en personele aspecten gaat. Ik denk wel eens dat er zoveel energie, emotie en talent gaan zitten in de conceptuele vernieuwing dat werkers in cultuur grote behoefte hebben aan een onveranderlijke, vertrouwde  omgeving. En dat de leiding van een organisatie zo gericht is op artistiek presteren én financieel evenwicht dat er weinig ruimte overblijft voor personeelswerk, opleiding en scholing.

Toch sluiten die aspecten elkaar niet uit. Het gaat ook helemaal niet om tegenstellingen. Bij vernieuwing in bijvoorbeeld theatertechniek is dat al snel duidelijk: dat zit dicht tegen de inhoud aan. Ook marketing is een terrein waar innovatie zijn slag mag slaan. En instellingen die nu nog de social media in hun publiekswerving negeren zijn schaars. Maar ‘saaie’ onderwerpen als personeelsbeleid, opleiding & ontwikkeling of mobiliteit kennen doorgaans meer stilstand dan beweging.

De cultuursector is bij uitstek een arbeidsintensieve sector. Het werkkapitaal valt grotendeels samen met de menselijke factor. En dan hebben we het niet alleen over de acteurs en musici, maar ook over de boekhouder, de technisch assistent, de educatief medewerker. De bibliotheekmedewerker die twintig jaar geleden van de bibliotheekacademie kwam is niet meer voor het werk geschikt als hij of zij niet inmiddels is geschoold in bijvoorbeeld digitale dienstverlening.  De kassamedewerker die de organisatie dertig jaar trouw heeft gediend maar uitstraalt dat hij gelukkig nog maar vijf jaar van het pensioen verwijderd is, lijkt me geen reclame voor een vernieuwend gezelschap.

‘Duurzame Arbeidsmarkt’

‘Arbeidsmarkt Cultuur’ klinkt, net als ‘Sociaal Fonds’, ‘HRM-beleid’ of ‘functioneringsgesprek’ als een onappetijtelijke soundbite in een overigens alleen maar welluidende wereld. Maar beweging houden in het denken, het engagement met de wereld, de vaardigheden en het vakmanschap van medewerkers versterkt wél de basis. Door de vernieuwing ‘backstage’ en ‘in the backoffice’ minstens gelijke tred te laten houden met wat er op het podium of ‘front office’ gebeurt, ontwikkelt de organisatie zich tot een speler die jarenlang in de eredivisie kan blijven.

Dat de cultuursector in gezamenlijkheid een plan ‘Duurzame Arbeidsmarkt’ heeft gemaakt is vernieuwend. Nu gaat het er vervolgens om in elkaars keuken te kijken, van elkaar te leren, opleidingen te realiseren en al het talent – van de acteur zowel als van de kassière – te koesteren en te vermeerderen.

Erik Akkermans
Voorzitter Federatie Cultuur en voorzitter Stuurgroep Sectorplan Cultuur

Dorien Versloot op Oerol

Dit artikel is eerder verschenen op de website van het Sectorplan Cultuur

Loopbaangesprekken op Oerol

Dorien Versloot is coördinator van het Sociaal Fonds Podiumkunsten. Vanuit haar achtergrond als HRM manager in het bedrijfsleven, maar ook als zakelijk leider van een groot theatergezelschap, is zij een trouwe supporter van mensen, van talent en van ontwikkeling in de podiumkunsten. Er is haar veel aan gelegen om de kansen en mogelijkheden die het SFPK biedt, zo breed mogelijk over het voetlicht te brengen.

Met deze missie in gedachten is zij de afgelopen editie van Oerol afgereisd met camper en tent om over het goede nieuws van het bestaan van het SFPK op de trom te slaan. Gewapend met spandoeken, gadgets, folders, 4 laptops, 2 fietsen en leeftocht voor een week streek zij samen met collega Johanna Glas neer bij Gezinscamping Mast. Als we haar spreken zit ze backstage in een gezellig ingerichte stand op het festivalterrein Westerkeyn gesprekken te voeren met mensen. “Kun je me straks even terugbellen, ik zit net in een loopbaangesprek”, maar ook ”ik moet even achter een spandoek aanrennen want dat heeft zojuist vliegles genomen”. Op Oerol werken is ook een uitdaging soms…

Gestamel

Toen het contact tenslotte was gelegd, zo’n 2 uur later, was er net weer een gesprek afgerond. Ze vertelt…”bijna alle gesprekken beginnen met de uitleg over wat het SFPK is, en wat het voor mensen in de sector kan betekenen. Die bekendheid kan nog wel een zetje in de rug gebruiken, wat ik eigenlijk heel bedroevend vind. En als het gesprek dan eenmaal loopt en je stelt de vraag wat iemand recent aan zijn eigen ontwikkeling heeft gedaan volgt in de regel vooral gestamel. Het is veel praten en uitleggen geblazen. Dat er zoiets bestaat als het Sectorplan Cultuur lijkt tot op heden bijna niemand te weten. Er is echt wel wat werk aan de winkel!”

“Wat goed dat jullie er zijn!”

Maar ze beschrijft ook haar ontroering en verwondering, over de verhalen die ze hoort, over hoe moeilijk en eenzaam het kan zijn om dromen en ambities te verwezenlijken, over de gretigheid waarmee gereageerd wordt ze als serieuze belangstelling toont of een slimme tip geeft en hoe mensen soms gaan stralen als blijkt dat daar in de sector wel degelijk kansen voor geboden worden. “Wat goed dat jullie er zijn!”

“In de sector is de focus momenteel wel erg gericht op leven en overleven, waardoor er voor individuele talentontwikkeling maar bar weining aandacht is. Het is daarom goed dat er nu wat gebeurt, hoewel ik van de ambtelijke term ‘duurzame inzetbaarheid’ wel een beetje kromme tenen krijg… Voor mij gaat het vooral om het aanwakkeren van een vuurtje bij mensen, waardoor zij zelf nieuwsgierig worden en gaan beseffen hoe belangrijk het is om voortdurend in beweging te blijven en hun eigen ontwikkeling centraal te stellen. Het zou mooi zijn als de nieuwe portal Optreden voor Jezelf als platform gaat fungeren voor iedereen die in de sector werkt; waar men tips en kennis deelt, best practices uitwisselt, en elkaars groei stimuleert. Als het streven is dat mensen hun leven lang op een goede manier kunnen blijven werken in de sector zal iedereen zijn verantwoordelijkheid moeten nemen; zowel werkgevers als werknemers, waaronder het groeiend aantal ZZP-ers. Als we dat met het SFPK weten te bereiken heb ik mijn werk goed gedaan!”

En dan eindigt ons gesprek met een vraag: Wanneer ga jij… Optreden voor Jezelf?