Er is meer dan de artistieke inhoud alleen…

Ella Broekstra in het Freling Trio

Ella Broekstra (rechts) in het Freling Trio

Deze keer in gesprek met Ella Broekstra – HR manager van o.a. het Radio Filharmonisch Orkest, het Groot Omroepkoor en het Metropole Orkest.

De schoonheid van muziek

Ella Broekstra had in haar jeugd zelf ambities om professioneel musicus te worden. Ze speelde klarinet en werd gezien als een groot talent. Toen ze in 6 VWO zat bezocht ze een concert in het Concertgebouw van haar grote voorbeeld Sabine Meyer. Ze was diep ontroerd door haar spel en liet zich helemaal meevoeren, tot ze in de pauze een groepje conservatoriumstudenten Sabine’s spel hoorde afkraken; ze had ergens een noot niet goed geraakt en verderop ook nog eentje veel te lang aangehouden. Ella was zo ontdaan door de ontdekking dat het voor hen helemaal niet meer over de schoonheid van het spel en de muziek leek te gaan, dat ze ter plekke besloot dat het conservatorium niets voor haar was. In plaats daarvan studeerde ze Engels, Kunst & Media management en tijdens haar werk Personeelswetenschappen en Bedrijfskunde en is ze daarnaast haar klarinetspel op semiprofessioneel niveau blijven onderhouden. Ze speelt in een aantal ensembles en is daar zeer gelukkig mee.

Werken in kunst en cultuur

Dat er in de afgelopen jaren nogal wat stof opwaait in kunst- en cultuurland over de levenstandaard van mensen die hun brood in deze sector verdienen is opnieuw zeer actueel. De SER en Kunsten ’92 hebben er zeer onlangs nog maar weer eens lijvige rapporten aan gewijd (te vinden op de websites van Kunsten ’92 en SER) . Een belangrijk onderwerp in deze discussie is steeds de vraag of kunstenaars zelf verantwoordelijkheid kunnen, of zelfs zouden móeten nemen voor het verdienen van een fatsoenlijke boterham, of dat het hebben en in stand houden van een bloeiend cultureel klimaat toch vooral een taak is die de overheid veel serieuzer zou moeten nemen door er veel structureler middelen voor vrij te maken. ‘De sector heeft de laatste jaren onder enorme druk gestaan en als er nu niet snel iets gebeurt zou het zomaar te laat kunnen zijn’ is een veelgehoorde waarschuwing.

Individuele professionele ontwikkeling

Een van de regelingen waarmee in de afgelopen anderhalf jaar in ieder geval een poging is gedaan om werkers in de kunst- en cultuursector een steuntje in de rug te geven is het Sectorplan Cultuur. In dit plan, gefinancierd door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de sociale partners in de sector, werd aan iedereen die in de kunst- en cultuur werkzaam is (en die dat wilde) middelen ter beschikking gesteld voor individuele professionele ontwikkeling. Men kon een loopbaangesprek aangaan, coaching of training volgen, of zelfs hele bij- of omscholingstrajecten doorlopen. Dit alles met een financiële bijdrage vanuit het Sectorplan Cultuur van tenminste 50%.

Niet zonder slag of stoot

Heel mooi dus, zou je denken. En ja, dat is het uiteindelijk ook zeker geworden. Maar dat ging niet zonder slag of stoot. In gesprek met Ella Broekstra wordt al snel duidelijk waar de schoen in het begin wat wrong. Ella werkte de afgelopen negen maanden, naast haar baan als HR-manager, namens de Federatie Cultuur als kwartiermaker mobiliteit voor het Sectorplan. In die rol was het haar taak om acties te helpen initiëren die het Sectorplan tot een succes zouden kunnen maken.

Een breed gedragen plan

“Om te beginnen”, steekt ze van wal, “was het al heel bijzonder dat het überhaupt lukte om namens de kunst- en cultuursector zo’n Sectorplan in te dienen. Er zijn binnen onze sector zoveel verschillende culturen en organisatiestructuren dat het kanaliseren van die dynamiek tot een plan en een werkwijze waar iedereen mee uit de voeten kon, niet eenvoudig was. Waar het bijvoorbeeld in sommige van onze deelsectoren heel vanzelfsprekend is om te werken met langlopende contracten (zoals bij dansgezelschappen en orkesten, en ook bij bibliotheken), is het op andere plekken weer heel gebruikelijk dat veel korte contracten elkaar opvolgen of dat er in opdracht wordt gewerkt (dit geldt voor theatermakers, maar ook voor beeldend kunstenaars, ontwerpers en architecten bijvoorbeeld). Er moest dus een plan worden opgetuigd dat bruikbaar was voor een heel diverse doelgroep. Nooit eerder was het gelukt om zo’n breed gedragen plan op het gebied van duurzame inzetbaarheid voor onze sector van de grond te tillen.”

Ontbrekende infrastructuur

“Wat ons, als gevolg daarvan, ook parten speelde was het gegeven dat er nog helemaal geen infrastructuur voor zo’n groot HR-project was opgetuigd en dat het daardoor veel te lang heeft moeten duren voordat we echt van start konden. Omdat de focus van iedereen in onze sector per definitie in eerste instantie bij de artistieke inhoud ligt, was het niet direct vanzelfsprekend dat er tijd en menskracht kon worden vrijgemaakt om dit project tot een succes te brengen.”

Liever geen onrust

“Bovendien moest het tot stand komen in een sector die zó beurs is van alle bezuinigingen op rij, dat je het als HR-manager wel uit je hoofd laat om zomaar bij je mensen aan te dringen op het volgen van persoonlijke ontwikkelingstrajecten. Voor de meesten staat dat namelijk ongeveer gelijk aan het aankondigen van (alweer) een reorganisatie. Voor mij zelf was dat in ieder geval een van de redenen dat ik geen organisatiebrede trajecten heb geïnitieerd. De onrust die dat zou hebben gegeven kon (en wilde) ik me echt niet permitteren omdat dat de organisatie had kunnen schaden. Alles wat er met je mensen gebeurt heeft immers direct gevolgen voor de prestaties op het podium.”

Alleen perfect als alles klopt

“Maar wat hebben jullie er dan wel mee gedaan?” Ik zie haar ‘aan’ gaan bij die vraag. “Kunst maken op hoog niveau is net zoiets als topsport. Het kan alleen perfect zijn als alles klopt. En kloppen doet het gewoon niet altijd en elke keer opnieuw. Je hebt ook weleens fysieke klachten, een ziek kind, of zorgen om je hypotheek. Als er zoiets met je aan de hand is hang je echt niet zomaar aan de grote klok dat het je even wat minder gaat. Je pept jezelf op en gaat door, alles voor de kunst. Totdat het een negatieve spiraal wordt die niet meer lijkt te keren. Dat is het moment dat je als HR-manager echt iets kunt betekenen. Er zijn zulke mooie dingen gebeurt doordat er nu wat extra geld was. Zo volgde iemand de Schrijversvakschool, deed iemand een MBA-opleiding, werd iemand bijgeschoold tot barok hoboïst en volgde er iemand een omscholing tot coach met paarden. Ook ontvingen meerdere musici coaching van een gespecialiseerde mental coach die musici helpt om weer vanuit ontspanning op het podium te zitten. In alle gevallen was het voornaamste resultaat dat het de blik verruimde en dat er weer wat ontspanning en plezier terugkwam, waardoor het ook in het werk weer een stuk makkelijker en prettiger kon worden. “

Optreden voor Jezelf

“Toen ik bij ons een aantal keren had gezien wat zo’n persoonlijk traject voor effect op mensen kan hebben heb ik me, samen met Luuk van Term, die bij het Sectorplan verantwoordelijk was voor de communicatie, toegelegd op het laten vastleggen van al die mooie verhalen op video (de video’s zijn HIER terug te vinden). Door op deze manier die ervaringen te delen heeft dat in de laatste maanden nog heel veel méér mensen geïnspireerd om ook in actie te komen en te gaan ‘Optreden voor Jezelf’. Uiteindelijk hebben een kleine duizend mensen er gebruik van gemaakt.”

En nu doorpakken!

“Wat heeft het Sectorplan volgens jou opgeleverd?” Ella is hoopvol. “We zijn er nog niet, want de sector is voorzichtig en op HR-gebied zijn we nou niet direct voorlopers. Maar ik merk om me heen dat er nu toch wat in werking is gezet. Ik zie dat mensen steeds makkelijker voor zichzelf opkomen en dat ze beginnen te beseffen dat het wat oplevert om in beweging te zijn. Ook onder werkgevers zie ik de ontwikkeling dat het steeds vanzelfsprekender wordt om O&O een plaats te geven in het HR-beleid. Heel langzaam begint het door te dringen dat er voor goede prestaties meer nodig is dan de uitsluitende focus op de artistieke inhoud. Als je goed voor je mensen zorgt komt dit de inhoud alleen maar ten goede. Het is nu zaak om door te pakken en voort te borduren op wat we in de afgelopen tijd met het Sectorplan Cultuur hebben ingezet. Ik roep de overheid èn werkgevers dan ook op om te blijven investeren in de ontwikkeling van kunstenaars en de mensen die de kunstenaars ondersteunen.”

© SFPK – Johanna Glas

Wil je op de hoogte blijven van de activiteiten van het Sociaal Fonds Podiumkunsten? Meld je aan voor onze maandelijkse nieuwsbrief via deze LINK

Reacties kun je hieronder kwijt!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *